Leer- en ervaringscentrum Thijsselaan biedt dagbesteding aan (jong)volwassenen met een verstandelijke beperking. Zij krijgen dagelijks op maat activiteiten, werkzaamheden en vaardigheden aangeboden die passend zijn bij hun belevingswereld, ontwikkelingsmogelijkheden, talenten en leeftijdsfase.

Voor wie?

Bij Thijsselaan komen mensen met een verstandelijke beperking die ondersteuning nodig hebben bij een zinvolle dagbesteding. De cliënten hebben een WLZ, WMO of jeugdwet indicatie. Daarnaast kunnen kinderen en jongeren vanuit het ZMLK, VSO en praktijkonderwijs stage lopen bij Thijsselaan.

Begeleiding

De cliënten krijgen bij hun werkzaamheden ondersteuning van vaste begeleiders. Iedere cliënt heeft één begeleider die fungeert als persoonlijk begeleider. Deze is het eerste aanspreekpunt voor de cliënt en zijn achterban. Begeleiders kunnen een beroep doen op een gedragsdeskundige. De dagelijkse leiding is in handen van een locatiemanager.

Er is een vaste dagindeling en er wordt gewerkt met een vast dagprogramma. Om de zelfstandigheid zoveel mogelijk te bevorderen en cliënten meer eigen regie te geven, wordt er gewerkt met Roosterbord. Dit geeft onder andere dagelijks een overzicht van het programma en welke begeleiding in huis is. 

Activiteiten

Dagelijks kunnen cliënten allerlei activiteiten doen. Dit aanbod wordt samengesteld door de persoonlijk begeleider in overleg met de cliënt en/of zijn vertegenwoordiger. Hierbij kijken ze naar de behoefte en wensen van de cliënt.

Het activiteitenaanbod bestaat onder andere uit:

  • Belevingsgerichte, ontspannende activiteiten. Hierbij wordt tast, geur, smaak, geluid, beweging en zicht geprikkeld. Bijvoorbeeld muziek maken, luisteren naar verhalen, wandelen, voelspellen, massage.
  • Buitenactiviteiten. Bijvoorbeeld tuinieren, boodschappen doen, papier prikken, oud papier ophalen, folders rondbrengen.
  • Binnenactiviteiten. Bijvoorbeeld Wash & Go, huishoudelijk werk, werk voor een goed doel
Het activiteitenaanbod is altijd in ontwikkeling om aansluiting te vinden bij de talenten en belevingswereld van de cliënten. De plaats van de activiteit wordt bepaald door het karakter van de activiteit en niet door de basisgroep. Hierdoor kan de cliënt activiteiten in verschillende groepen doen, afhankelijk van zijn/haar interesses, talenten en mogelijkheden.

Groepen

Iedere cliënt heeft een vaste basisgroep van waaruit hij/zij het aanbod krijgt aangeboden. Er zijn vijf basisgroepen:
  1. Combinatiegroep waarin belevingsgerichte activiteiten naast zinvolle activiteiten gedaan worden
  2. Groep waar voorspelbare, zinvolle activiteiten binnen en buiten gedaan worden
  3. Groep waar servicegerichte activiteiten binnen en buiten centraal staan
  4. Kleinschalige groep met cliënten die intensieve begeleiding vragen in het uitvoeren van voorspelbare, zinvolle activiteiten
  5. Groep waar vooral ontwikkelingsgericht gewerkt wordt en servicegerichte activiteiten binnen en buiten gedaan worden
Jong volwassenen en schoolverlaters krijgen een ontwikkelingsgericht aanbod. Ondanks dat zij met dezelfde activiteiten mee doen, zal de nadruk liggen op de ontwikkelingsgerichtheid. Deze cliënten krijgen ook een portfolio. Daarin wordt bijgehouden wat de cliënt al heeft geleerd, wat hij/zij nodig heeft om dat zo zelfstandig mogelijk te kunnen doen en welke leermethode goed aansluit bij de cliënt.
De cliënten kunnen doorontwikkelen naar een meer wijkgerichte groep op een andere locatie, bijvoorbeeld Werklink. Dit gebeurt als de cliënt klaar is om over te stappen. Hij/zij kan dan het portfolio meenemen zodat het voor de volgende locatie duidelijk is wat de cliënt nodig heeft, wat hij/zij al kan en wat nog ontwikkeld kan worden.

Hulpmiddelen

We maken gebruik van verschillende middelen om cliënten zelfstandigheid te leren. Invra is een digitaal middel dat ingezet kan worden om competenties bij cliënten in beeld te brengen en helder te krijgen wat er nog ontwikkeld kan worden. Dit instrument wordt ingezet bij het ontwikkelingsgerichte aanbod. GoOV is een digitaal middel dat ingezet kan worden om cliënten zelfstandig met het openbaar vervoer te leren reizen. Het is een veilige manier om cliënten dat stapsgewijs te leren en waar ook het netwerk van de cliënt actief bij betrokken wordt.