Op woonlocatie de Apollotoren in Leiden wonen ouder wordende cliënten met een matige of licht verstandelijke beperking, in de leeftijd van 65 tot 90 jaar. Onze collega Ernst Timmer belt met begeleider Margriet van der Meij over de relaxte situatie bij de ouderen op woonlocatie Apollotoren, maar ook over de minder relaxte situatie bij wijkcentrum Binders waar Margriet ook werkt.

“Voor de bewoners van de Apollotoren is de huidige situatie wel relaxed", geeft Margriet aan.

Dat is niet helemaal een antwoord dat je verwacht als je een begeleider vraagt naar de corona-situatie op een woonlocatie. Margriet van der Meij werkt afwisselend op De Apollotoren in Leiden en in wijkcentrum Binders in Katwijk. 

Als ik bekomen ben van mijn verbazing, zegt Margriet:

“Er zijn hier geen ziektegevallen, het team draait goed en de bewoners kunnen niet naar de dagbesteding. Al die onrust rond dat vervoer zijn we kwijt. De dagbesteding komt nu hier en gaat in kleine groepjes met anderhalve meter afstand aan de slag. Het leven is voor onze bewoners nu heel overzichtelijk.”

Ook het bezoekverbod is voor de meeste bewoners draaglijk. Er zijn wel twee bewoners die dagelijks bezoek hadden. Voor hen is het natuurlijk wel vervelend.


App contact

Voor de bezoekers van wijkcentrum Binders is het een heel ander verhaal. De cliënten met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) komen daar meestal twee keer per week en dat is een van de weinige uitjes die ze hebben. Ook voor de mantelzorgers is het een extra belasting dat het wijkcentrum nu gesloten is.

Ik vraag aan Margriet hoeveel contact er nog is met de bezoekers.

“We proberen via de app contact te houden. Ik heb een app-groep aangemaakt en probeer zo het onderlinge contact te stimuleren. Dat gaat niet heel makkelijk. Sommigen kunnen niet zo snel appen, en dat gaat anderen weer te langzaam.”

 

Kunstproject

Om de aandacht vast te houden heeft Margriet er een “project” van gemaakt.

“We schrijven samen het boek: hoe kom ik de corona-tijd door? Per keer stel ik een vraag waar iedereen dan over na kan denken. Zo had ik een vraag over dankbaarheid: wat was vandaag het allerkleinste waar je blij mee was? De een zegt: het zonnetje scheen, een ander zegt: er zit hier een vogel zijn nestje te bouwen, en een derde zegt: ik ben blij met alle wc-papier die ik in huis heb gehaald.”

Margriet maakt vervolgens een tekening waarin ze alle antwoorden verwerkt tot een kunstwerkje.

Een andere vraag was: wat zie je als je om je heen kijkt en wat zegt dat over jou?

“Er was een cliënt die wees op een gehaakt kleedje van haar overleden schoonmoeder. Dat kleedje betekende voor haar: zet ‘m op! Mooi vond ik dat.”

We worden 't zat

Margriet vroeg ook of de bezoekers van het wijkcentrum in drie woorden konden samenvatten hoe het met ze gaat. “We worden ’t zat,” was de uiting die het vaakst langskwam.

Zelf heeft Margriet zich op corona laten testen toen ze bijbehorende klachten had.

“Dat is gek, hoor. Je gaat dan zelf alvast in quarantaine, je bereidt je voor op twee weken isolatie. Je zit al helemaal uit te stippelen hoe je de dagen door gaat brengen. En dan blijkt dat je het niet hebt.”

Kan Margriet ook zelf in drie woorden zeggen hoe het met haar gaat?

“Opgelucht, dankbaar en hoopvol.”

 

Over de auteur

Ernst-Timmer.jpgErnst Timmer is schrijver van literair proza. Jarenlang heeft hij als ambulant woonbegeleider voor de Gemiva-SVG Groep gewerkt, nu is hij webredacteur.

De komende weken onderzoekt hij voor de Gemiva-SVG Groep hoe in de organisatie omgegaan wordt met de ongemakken die het coronavirus veroorzaakt.

Het coronavirus en de maatregelen die de verspreiding ervan moeten tegengaan worden overal in onze organisatie beleefd. Maar overal is het anders. Er is verdriet en pijn, maar er zijn ook mooie oplossingen om het leed te verzachten. 

Ernst wil de veerkracht laten zien van de cliënten en medewerkers. Hij praat met hen over hun coronaleven en –werk. In korte stukjes vertel hij wat hij in telefoongesprekken te horen krijgt.

 

 

Gerelateerde Projecten: