Sinds januari 2020 is de Wet zorg en dwang (Wzd) van start gegaan. Hoe gaan zorginstellingen hiermee om en wat kwam er allemaal op hen af? Vilans, landelijke kennisorganisatie voor langdurende zorg, vroeg aan Tineke Prins (locatiemanager) en Sander Rouwendaal (begeleider en projectleider Wet zorg en dwang) naar hun werkwijze op Swetterhage-locatie Jakweide. Hier wonen mensen met een verstandelijke beperking, moeilijk verstaanbaar gedrag en psychiatrische problematiek.

(Bron artikel Vilians - 10-08-2020: https://www.vilans.nl/artikelen/omdenken-belangrijk-bij-toepassing-wet-zorg-en-dwang )
 
“Je zou de Jakweide gerust een voorloper kunnen noemen. In de visie van de Gemiva-SVG Groep is stevig verankerd dat cliënten zo veel mogelijk de regie over hun eigen leven hebben. Zo’n 5 à 6 jaar geleden startten we met het kritisch kijken naar onvrijwillige zorg. We begonnen met de vraag: wat voor vrijheidsbeperkende maatregelen zetten we nu in en hoe kunnen we dat afbouwen?” vertelt Tineke Prins. “We keken bijvoorbeeld hoe we gedragsmedicatie en andere maatregelen, zoals het afsluiten van deuren, konden afbouwen.”

Gewenningsproces
Prins: “Een belangrijk onderdeel van het succesvol afbouwen van medicatie is dat je cliënten laat wennen. Als iemand naar de tandarts moet, vraag jezelf dan af, of je premedicatie moet geven om iemand rustig te krijgen. In het gewenningsproces is het belangrijk dat je cliënten langzaam laat wennen aan veranderingen. Zo stuurden we een cliënt geregeld naar de mondhygiënist zodat hij kon wennen aan het idee dat iemand in zijn mond keek.”

Cliënt krijgt zoveel mogelijk vrijheid
In de Wet zorg en dwang speelt het principe van ‘Nee, tenzij’ een belangrijke rol. Dat betekent dat onvrijwillige zorg in principe niet mag worden toegepast, tenzij er sprake is van ernstig nadeel voor de cliënt of zijn omgeving. Op de Jakweide wordt al lang volgens dit uitgangspunt gewerkt. “We stellen de cliënt centraal en geven hem of haar zoveel mogelijk vrijheid,” vertelt Sander Rouwendaal. “Het mooie aan de nieuwe Wet zorg en dwang is dat je áltijd op zoek gaat naar een minder ingrijpend alternatief en altijd kijkt of de toepassing van onvrijwillige zorg voorkomen kan worden.”
 
Weten wát onvrijwillige zorg is
Hoe zorg je dat organisaties en zorgverleners volgens de principes van de Wet zorg en dwang gaan werken? Rouwendaal: “Het is belangrijk dat je fundering op orde is. Zorg er dus voor dat medewerkers weten wat wel en niet onvrijwillige zorg is. Pas als ze daarvan doordrongen zijn kun je verder. Veel mensen staan er bijvoorbeeld niet bij stil dat het sluiten van kastdeuren al een vorm van onvrijwillige zorg kan zijn. Ook al is het gedaan met de beste intenties.”
“Om bij medewerkers tussen de oren te krijgen hoe je met onvrijwillige zorg omgaat, organiseren we scholingen voor artsen en gedragsdeskundigen en informatiebijeenkomsten voor bijvoorbeeld wettelijk vertegenwoordigers. Daarnaast hebben we een e-learning gemaakt, die we uiteindelijk ook verplicht gaan stellen, waarin alle begeleiders leren wát onvrijwillige zorg is en hoe je met onvrijwillige zorg werkt.”

Ouders meenemen in besluitvorming
Prins: “Wij hebben hier natuurlijk ook te maken met ouders. Zij zijn vaak de wettelijk vertegenwoordiger van de cliënt. Soms hebben zij nogal moeite met het afbouwen van bepaalde maatregelen. Zo vinden zij het soms niet goed dat de deur niet meer op slot zit.”
Op speciale thema-avonden leggen ze bij Gemiva-SVG uit wat de denkwijze van de organisatie is. “We leggen uit dat er een wisselwerking zit tussen de wil van de cliënt en de wil van de vertegenwoordiger. Het is belangrijk dat er een balans zit tussen veiligheid en vrijheid,” vertelt Prins. “Ouders neigen soms vooral naar veiligheid. Terwijl bij ons de vrijheid van de cliënten voorop staat.”

Omdenkknop
De overgang naar de nieuwe Wet zorg en dwang betekent voor veel mensen een verandering van denken. “Ook bij Gemiva-SVG hebben we die transitie moeten maken,” legt Prins uit. Hoe deed ze dat? “Ik gebruikte bij overleggen met begeleiders en gedragsdeskundigen een ‘Omdenkknop’. Zodra iemand over een maatregel zei “dit kan niet”, drukte ik op die knop. Zo zorg je ervoor dat mensen denken in oplossingen in plaats van belemmeringen. Er zijn altijd oplossingen voor handen.”
“Omdenken maakt een heel belangrijk onderdeel uit van onze bedrijfscultuur. Daar zijn medewerkers van doordrongen en daar gaan anderen dus ook in mee. Het praktisch handelen staat altijd centraal.”

Durf fouten te maken
Cliënten zoveel mogelijk vrijheid geven, betekent ook dat een cliënt een keuze mag maken die jij als begeleider wellicht niet had gemaakt. “Maar het is belangrijk dat je fouten mág maken,” vertelt Rouwendaal. “Zo hebben wij op de Jakweide cliënten die soms keuzes maken die voor begeleiding soms moeilijk te begrijpen zijn. Natuurlijk geven wij begeleiding en informatie bij het maken van dergelijke keuzes, maar we houden de cliënt niet tegen waar dit niet mag.”

Rouwendaal deelt tot slot nog een leuke anekdote: ‘Bij een evaluatie kregen wij als feedback dat men het opvallend vond hoe vrij wij cliënten in sommige situaties laten. Ik beschouw dat als een groot compliment. Ik behandel iedere cliënt als een gelijke en neem ze altijd serieus. Alleen dat zorgt er al voor dat cliënten hier beter begrepen worden.”