“Het is doodzonde dat ze op Swetterhage wonen!” Het is even schrikken als Sander Bonte deze hartenkreet uit. In het gesprek dat hieraan voorafging vertelde hij hoe mooi hij het vindt om te werken met cliënten die zich normaal voelen, maar die toch steeds aanlopen tegen de grenzen van hun autonomie. Het zijn de zogeheten LVB’ers, de mensen met een lichte verstandelijke beperking die deze grenzen elke dag ervaren. “Het is de kunst om hen te helpen zich een volwaardig burger te voelen,” meent Sander.

Agogische interventie

Sander heeft in het eerste jaar van zijn HBO-opleiding op de Jakweide gewerkt en is nu aan het eind van zijn tweede jaar op Zwartbontweide 4 op Locatie Swetterhage in Zoeterwoude aan de slag gegaan.
De coronacrisis heeft wel gevolgen gehad voor zijn opleiding, vertelt hij. Zo kon er geen sprake zijn van het oefenen met systeemgerichte interventies*. Door de coronamaatregelen was het onmogelijk om de cliënt en een betrokkene uit het systeem bij elkaar te brengen voor zo’n interventie. Gelukkig ging de Haagse Hogeschool daar soepel mee om en kon Sander ook kiezen voor een agogische interventie*.

Die interventie had trouwens ook weer alles te maken met de coronamaatregelen. Door de isolatie kon een cliënt niet naar haar gebruikelijke dagbesteding en had ineens geen structuur meer in haar leven. Het gevolg was dat ze haar dag- en nachtritme omgooide en in een negatieve spiraal terechtkwam. Door motiverende gespreksvoering* heeft Sander haar zover gekregen dat ze ging deelnemen aan de dagbesteding die op de locatie werd aangeboden. “Dat lukte niet van de ene op de andere dag, het was een heel proces. Maar het is gelukt en de cliënt is er blij mee.”
 

Het loopt zoals het loopt

Terug naar de aanhef van dit verhaal. Op Swetterhage wonen is voor mensen met een lichte verstandelijke beperking toch al een noodzakelijk kwaad: ze zouden ook zo graag zelfstandig hun eigen bedoeninkje hebben, maar dat lukt helaas niet. In coronatijd mochten ze zich zelfs niet eens in de buitenwereld begeven. Waarom mogen andere mensen wél buiten fietsen en ik niet vroegen ze zich af.
“Kwalijk,” zegt Sander, overigens zonder daar een schuldige voor aan te wijzen. “Dat het zo uitpakt voor deze groep cliënten. Ik begrijp de maatregelen. Het loopt zoals het loopt. Maar echt, ik krijg het niet uitgelegd aan deze cliënten.”
 

Politieagent die het stiekem wel mooi vindt…

Het enige dat hij kan doen is naast ze te gaan staan. Zeggen dat hij het ook stom vindt. En proberen er samen toch maar het beste van te maken. “Dat hebben we wonderbaarlijk goed gedaan! Grote escalaties zijn uitgebleven. Al voelde ik me soms wel een politieagent…” aldus Sander.
Maar dan wel een ouderwetse veldwachter, die niet alleen de regels bewaakt, maar toch ook je beste kameraad is.
“En ik vond het ook wel mooi als er cliënten waren die kans zagen om er even stiekem tussenuit te knijpen. Ik moeste er natuurlijk wel wat van zeggen, maar inwendig leefde ik met ze mee.”
 
* Sander heeft in zijn opleiding te maken met begrippen die het handelen van een begeleider nader omschrijven. Bij een systeemgerichte interventie betrekt hij een persoon uit het netwerk van de cliënt bij een gesprek, een agogische interventie is gericht op gedragsverandering van de cliënt zelf.
 

Over de auteur

Ernst-Timmer.jpgErnst Timmer is schrijver van literair proza. Jarenlang heeft hij als ambulant woonbegeleider voor de Gemiva-SVG Groep gewerkt, nu is hij webredacteur.

De komende weken onderzoekt hij voor de Gemiva-SVG Groep hoe in de organisatie omgegaan wordt met de ongemakken die het coronavirus veroorzaakt.


Het coronavirus en de maatregelen die de verspreiding ervan moeten tegengaan worden overal in onze organisatie beleefd. Maar overal is het anders. Er is verdriet en pijn, maar er zijn ook mooie oplossingen om het leed te verzachten. 

Ernst wil de veerkracht laten zien van de cliënten en medewerkers. Hij praat met hen over hun coronaleven en –werk. In korte stukjes vertel hij wat hij in telefoongesprekken te horen krijgt.