Vrijwilligerswerk is omgaan met afstand, heb ik weleens horen zeggen. Degene die dat zei doelde op de relatie die je als vrijwilliger met cliënten opbouwt. Welke afstand bewaar je in die relatie? Is er sprake van vriendschap, van nabuurschap of heb je een meer praktische relatie? Niets is verkeerd, maar wie als vrijwilliger de juiste, passende afstand weet te kiezen zal het meeste plezier beleven en ook het meeste plezier schenken aan de cliënt.

Dat is gewoon de buurvrouw

Ik moest hieraan denken toen ik sprak met Magda Lengkeek, die als vrijwillige kookhulp werkt op de Elsenhoeve in Lekkerkerk. De veelbesproken afstand van anderhalve meter bij deze coronacrisis geldt niet voor vrijwilligers. Vrijwilligers moeten zich nu even helemaal niet meer laten zien. Vrijwilligers zijn een ‘vermijdbaar risico’ geworden.
“Ik ben al een tijdje gepensioneerd,” vertelt Magda. “Ik zag een oproep voor vrijwilligers in de Elsenhoeve. Het toeval wil dat ik precies daartegenover woon.”
Die afstand is wel iets meer dan de corona-afstand van anderhalve meter, maar is het toch niet erg dichtbij voor een vrijwilliger?
“Ja, dat hoorde ik wel toen ik dat ging doen. Je moet wel afstand houden! Maar ik heb dat nooit een probleem gevonden. Toen ik kwam kennismaken zeiden de bewoners van de Elsenhoeve: kijk eens aan, dat is gewoon de buurvrouw.”
Vóór de coronacrisis bereidde Magda de maaltijden van de Elsenhoeve samen met een van de cliënten. Ze at dan zelf ook gezellig mee. Dat is dus nu tijdelijk gestopt.
“Ik heb gehoord dat twee bewoners mijn taak hebben overgenomen. En dat gaat helemaal goed, daar ben ik erg blij om!”
 

Sociale leegte

Nu het vrijwilligerswerk even is opgehouden, vindt ze haar leven wel wat saai geworden. Al ligt dat niet alleen dááraan.
“Het is de hele sfeer in de samenleving nu. Ik kan niet sporten, heb geen vaste oppasdagen meer voor de kleinkinderen, met een groepje wandelen gaat niet meer. Er is een sociale leegte. Het is niet dramatisch, hoor. Het is gewoon heel saai!”
Wie níet saai zijn, dat zijn de bewoners van de Elsenhoeve. Er zijn erbij die hebben het predicaat ‘moeilijk verstaanbaar gedrag’. Maar Magda kan ze nog steeds prima verstaan. Ze mag dan wel niet meer voor ze koken, ze ziet deze cliënten nog vaak genoeg want ze wonen vlakbij.
“We maken een praatje achter het hek, of we zeggen even dag tegen elkaar.”
Het is duidelijk dat Magda heeft gekozen voor nabuurschap, letterlijk en figuurlijk. De afstand is de ene keer klein en de andere keer wat groter, zoals dat gaat met goede buren.
“En dat is echt nooit een probleem. Als ik jarig ben komen ze een taartje eten. Voor de rest nooit. En nu zien ze me niet meer achter het fornuis, maar ze zien me werken in de tuin. Zo houden we contact totdat dit allemaal weer voorbij is.”

Over de auteur

Ernst-Timmer.jpgErnst Timmer is schrijver van literair proza. Jarenlang heeft hij als ambulant woonbegeleider voor de Gemiva-SVG Groep gewerkt, nu is hij webredacteur.

De komende weken onderzoekt hij voor de Gemiva-SVG Groep hoe in de organisatie omgegaan wordt met de ongemakken die het coronavirus veroorzaakt.


Het coronavirus en de maatregelen die de verspreiding ervan moeten tegengaan worden overal in onze organisatie beleefd. Maar overal is het anders. Er is verdriet en pijn, maar er zijn ook mooie oplossingen om het leed te verzachten. 

Ernst wil de veerkracht laten zien van de cliënten en medewerkers. Hij praat met hen over hun coronaleven en –werk. In korte stukjes vertel hij wat hij in telefoongesprekken te horen krijgt.